Ontvanger stelt oud-aandeelhouder terecht aansprakelijk voor Vpb schuld

 

Sinds 2001 is de bestrijding van handel in herinvesteringsreserve-lichamen (hierna: HIR-BV) aangescherpt. Deze aanscherping is gelegen in het feit dat de verkopende aandeelhouder aansprakelijk kan worden gesteld wanneer misbruik wordt gemaakt van  een HIR-BV. In de meeste elementaire vorm bestaat het misbruik eruit dat de aandelen van een HIR-BV worden verkocht aan een derde die vervolgens de in de HIR-BV aanwezige liquide middelen onttrekt, waarna de HIR-BV failleert. De vennootschapsbelastingclaim die rust op de herinvesteringsreserve wordt dan niet betaald. Op 8 augustus 2013 besliste het Gerechtshof Amsterdam dat de ontvanger de oud-aandeelhouder terecht aansprakelijk had gesteld voor de door de HIR-BV niet betaalde aanslag  vennootschapsbelasting omdat deze zich onvoldoende van zijn zorgplicht had gekweten bij de verkoop van de HIR-BV.    

 Klik hier voor het gehele artikel